Michael van Oostende (60): van taxichauffeur naar straatfotograaf

AMSTERDAM Ooit verdiende Michael van Oostende (60) de kost als taxichauffeur. Nu timmert hij aan de weg als bevlogen straatfotograaf. Nooit op pad zonder camera, altijd met oog voor het kleurrijke, rauwe maar ook het verstilde van de stad. „Elke foto vertelt een eigen verhaal.”Expo

„Mag ik een shaggie van je?”

„Ja hoor, maar dan wil ik wel een foto van je maken.”

„Nee, ik ben lelijk.”

„Man, je bent mooi van lelijkheid.”

Het ijs was gebroken; de close-up van ‘straatmodel’ Rooie Henk een feit.

Zo maar een anekdote ‘van de straat’. Michael van Oostende (60), postuur joviale Amsterdamse reus, schudt ze uit zijn mouw. Tien jaar zat hij op de taxi. Nog in de goede tijd, eind vorige eeuw. „Goud geld verdienen.” Zijn vader was ook taxichauffeur, zijn moeder verpleegster. „Zelf wilde ik acteur worden, heb nog anderhalf jaar op die kunstzinnige IVKO-school gezeten. Maar dat bleek toch niet mijn weg. Liep ik daar rond in zo’n maillootje” Thuis moest er gewerkt worden. „We waren een echt arbeidersgezin uit de Pijp. Ik zeg weleens: ‘Ik ben in De Pijp geboren en na víjf jaar de pijp uitgegaan, haha. We verhuisden naar Slotermeer.”

Psychose

Aan zijn chauffeursbaan kwam abrupt een eind toen hij – na een uitstapje in de Franse druivenpluk én gedoe met de liefde – getroffen werd door een psychose. Een stukje leven dat, zegt hij, ‘aan hem plakt’ maar waarover hij het liefst beknopt blijft. De ontmoeting met een oud-collega van wie hij fotospullen voor een donkere kamer kocht, veranderde zijn leven. In een achterkamer bouwde hij een bescheiden studio, sloeg aan het experimenteren maar ontdekte al snel dat de móóiste fotografie die van de straat is. „Niet gelikt. Het échte leven. Ik heb mijn camera áltijd bij me. Zonder voel ik me naakt.”

Ook zijn woonkamer ademt fotografie: snoeren, apparatuur, boeken van helden als de legendarische Amerikaanse Vivian Maier. „Zij maakte de mooiste foto’s, maar die werden pas kort voor haar dood ontdekt. Nu is ze wereldberoemd. Postuum. Nou, dat laat ik míj niet overkomen.” Hij is trots op zijn werk. Een selectie van de ongeveer 80.000 foto’s die hij door de jaren heen maakte, verscheen al in boekvorm. En dit weekeinde opent bij eetgelegenheid/galerie St. Pauls Lounge in de Gravenstraat een tentoonstelling met zijn favoriete foto’s: van de ‘laatste drinker’ op een lege Zeedijk, tot een eenzaam lakschoentje op een roltrap.

Eurootje

Trots? Zeker! In juni, vertelt hij enthousiast, ‘hangt’ hij ook in De Balie en binnenkort vertrekt hij naar New York om er – in opdracht – een daklozenproject vast te leggen. “Want dat zijn het, hè. Daklozen, géén zwervers.” Hij heeft er velen geportretteerd. Niet altijd de makkelijkste modellen. „Maar ik schijn iemand te zijn die je makkelijk om een eurootje vraagt. Dan raak je in gesprek, hoor je soms hun hele leven. En dan komt die foto vanzelf.”

Hippe stelletjes, kleurrijke stadsbewoners of zomaar een huilend Japans jochie op een bankje: hij heeft ze vereeuwigd. „Geen idee waarom hij zo verdrietig was. Misschien had hij last van knellende schoenen. Die staan naast hem op die bank.” Het gaat hem om het beeld. „Elke foto vertelt een verhaal, waar iedereen zijn eigen fantasie op kan loslaten.”

‘Op het leven en de stad’. Foto-expositie Michael van Oostende. Tot 25 maart bij Sint Pauls Lounge, Gravenstraat 24B.

Auteur: Corrie Verkerk